Ik voelde dat het niet klopte… en toch bleef ik

Ik heb hier lang over getwijfeld. Echt lang.

Omdat het persoonlijk is. Omdat het niet simpel is.
En ook een beetje omdat je denkt: ga ik hier weer miserie mee krijgen?

Maar bon… op een bepaald moment had ik zo iets van: Ik ben niet iemand die opkropt. Ik word er niet gelukkiger van..

Soms kom je ergens terecht en je voelt dat direct… ça ne va pas.
Je kan het niet altijd uitleggen, maar diep vanbinnen weet je: hier klopt iets niet.

Dit is mijn verhaal. Gewoon, zoals ik het beleefd heb.

Toen ik begon, had ik goesting. Echte goesting.
Voor mij waren dingen simpel: respect, eerlijk zijn, zeggen waar het op staat – met respect – … da’s toch normaal?

In het begin leek dat ook zo.
Maar stilaan begonnen er kleine dingen op te vallen.

Van die momenten waarop je achteraf denkt:
amai… waarom voelde dat zo raar?

Niets spectaculair, maar genoeg om te voelen: hier zit iets scheef.

Ik heb dat altijd proberen te zeggen. Rustig. Correct.
Niet om ambras te maken, maar gewoon omdat ik dacht: we kunnen dit beter maken, non?

In mijn rol als afgevaardigde voelde ik dat nog harder.
Je hoort dingen. Je ziet dingen.
En je weet: ik kan hier niet gewoon mijn ogen voor sluiten.

Soms zijn dat kleine dingen, maar geloof mij…
kleine dingen worden snel grote dingen als niemand iets zegt.

Dus ja, ik heb mijn mond opengetrokken. Altijd met respect.
Maar blijkbaar is dat niet altijd wat mensen willen horen.

En dan voel je dat hé…
de sfeer verandert. Blikken veranderen.
Je staat ineens aan de andere kant.

Na een tijd begon dat echt door te wegen.

Spanningen. Misverstanden. Dingen die blijven hangen.
En vooral dat gevoel: ik word hier niet echt gehoord.

Dat kruipt in u. Serieus.
Ge denkt dat ge dat kunt loslaten, maar nee… ge pakt dat mee naar huis.

En op een bepaald moment… was het gewoon op.
Niet ineens. Maar beetje bij beetje.

Tot je lichaam en je hoofd zeggen: stop, het is genoeg geweest.

Ik ben tegen mijn grens gelopen.

En eerlijk? Dat was niet makkelijk om toe te geven.
Want ge wilt doorgaan. Ge wilt sterk zijn.

Maar iedereen heeft zijn limiet.
En ik had de mijne bereikt.

Niet omdat ik zwak ben.
Maar omdat het gewoon… te veel was. Punt.

Nu ben ik bezig met herstellen.
Met terug wat rust te vinden.
Met alles een plaats te geven.

En met één vraag die blijft hangen:
hoe blijf ik mezelf, in alles wat er gebeurt?

Ik schrijf dit niet om iemand zwart te maken.
Dat interesseert mij eerlijk gezegd niet.

Ik schrijf dit omdat ik weet dat er mensen zijn die dit gaan herkennen.

Mensen die ook denken:
ben ik nu overdrijvend, of klopt dit echt niet?

Mensen die zwijgen omdat het makkelijker is.
Of omdat ze denken dat ze alleen staan.

Maar geloof mij… dat is niet zo.

Wat ik geleerd heb, en echt op de harde manier…

uw gevoel liegt niet.

Je mag dingen in vraag stellen.
Je mag zeggen: dit klopt niet voor mij.
Je mag grenzen trekken.

Zelfs als dat lastig is.
Zelfs als anderen dat niet graag hebben.

Want ja… zwijgen is makkelijker.
Maar op het einde?
Betaal je daar zelf de prijs voor.

Ik ben er nog niet.
Ik ben nog bezig. Nog aan het zoeken.

Maar één ding weet ik wel.

Ik ga mij nooit meer klein houden om het voor anderen gemakkelijk te maken.

Nooit meer doen alsof alles oké is als dat niet zo is.
Nooit meer mijn gevoel wegduwen om de “rust” te bewaren.

Want op het einde van de dag…
moet ik met mezelf kunnen leven.

En dat is voor mij het enige dat echt telt.

Wanneer tradities beginnen te wringen

10273226_10203869789365080_8672348104153607482_o

945322_10201200101544553_554424096_n
Pépé en Mémé met de kleinkinderen (een deel ervan)

Sommige tradities groeien gewoon mee met de jaren.
Andere… beginnen een beetje te wringen. Zachtjes eerst. En dan ineens denk je: hmm… ça ne va plus vraiment.

En dat gaat niet alleen over kleine kinderen die naar de lagere school gaan. Dat zit ook in familie, in gewoontes, in dingen die “altijd zo geweest zijn”.

Bij ons is er zo’n traditie.
Elke 1 januari samenkomen met de hele familie om het nieuwe jaar in te zetten.

En geloof mij… dat is geen kleine opdracht.
We spreken over een gezin van 11 kinderen, ondertussen allemaal tussen de 50 en 60+.
En ja, die hebben zelf ook kinderen. En die hebben op hun beurt ook weer hun leven. Sommigen met één kind, anderen met drie… enfin, ge kent dat.

En toch… onze grootouders, pépé en mémé, kregen dat elk jaar voor elkaar.
Iedereen samen. In hun huisje in Anderlecht.

Het was daar niet groot. Echt niet.
Maar gezellig? À fond.

Mijn favoriete moment?
De veranda. Wij, de kleinkinderen, samen Pictionary spelen.
Alé ja… Pictionary op onze manier, half vals spelen, half lachen, maar vooral veel te luid zijn 😄

Ondertussen zaten de nonkels en tantes in de keuken of het salon. Praten. Lachen. Herinneringen ophalen.
Dat gevoel… dat was echt top.

Toen pépé en mémé verhuisden — eerst naar een serviceflat, later naar een rusthuis — veranderde er iets. Logisch ook.
Iemand anders moest het overnemen.

En dat werd eigenlijk best goed gedaan.
De ene keer gingen we eten in een all you can eat.
Dan weer zei een tante: “kom maar allemaal, ik regel alles.”
Of we huurden een zaal, met eten van een traiteur.

Altijd anders, maar altijd samen.
En ja… dat bleef speciaal.

Tot op een dag mijn mama zei:
“Ik ga aan zee wonen.”

Nu ja, België is geen Amerika hé 😄
En we hebben zelfs familie in Luik, dus zo ver is dat allemaal niet.

De zee… de rust… het strand…
Ik snap het. Echt. Ik weet zelf ook al waar ik ooit wil eindigen.

En blijkbaar dachten nog een paar familieleden hetzelfde.
Want ondertussen vieren we al enkele jaren nieuwjaar… aan zee.

En ik ga eerlijk zijn.

Ik vind dat verschrikkelijk.

Niet de zee zelf, hein. Maar hoe het geworden is.
Elk jaar hetzelfde restaurant. Dezelfde menu.
Net genoeg plaats voor iedereen — zo’n beetje op elkaar geplakt.

En dan dat idee dat we er een heel weekend van moeten maken.
Blijven slapen. Liefst allemaal samen.

Op een bepaald moment dacht ik gewoon: allez… moet dat nu echt zo?

Dus ik zei dat eens tegen mijn nicht.
“Hey Sylvie… wat vind jij daar eigenlijk van?”

En blijkbaar was ik niet de enige.

Van het één kwam het ander.
We spraken met onze ouders. Die spraken met anderen.
Ge kent dat… dat begint te rollen.

Misschien hebben we wel een gevoelige snaar geraakt… who knows.

Want plots verscheen er een bericht in de familie-Facebookgroep (ja ja, die bestaat 😄).
Van de persoon die alles organiseerde.

En laat ons zeggen… de toon was niet echt zen.

Dingen zoals:
“traditie die jullie vader gestart heeft”
“achter mijn rug gepraat wordt”
“ik organiseer niets meer”

Ambiance.

En dan heb je natuurlijk ook de andere kant:
mensen die van niets weten en denken: wat is hier gaande?
Of die zeggen:
“aan zee is het goed, wie niet kan komen, komt niet.”

#RELAX, serieus.

Want uiteindelijk… wat hebben wij gezegd?

Gewoon dat we het misschien eens anders willen.
Iets dichter bij huis. Iets minder “verplicht”.
Iets… dat terug een beetje klopt.

En nu?

Stilte.

Het gesprek is gewoon gestopt.
En eerlijk… ik durf ook niet echt nog iets voorstellen.

En toch blijft dat in mijn hoofd zitten.

Moet ik mij gewoon aanpassen en meegaan?
Is het egoïstisch om iets anders te willen?

Mogen wij, de “kinderen” die ondertussen al lang geen kinderen meer zijn…
eigenlijk nog iets zeggen?

Want ik zit al lang niet meer in die veranda.
Nee.

Ik heb mijn plek ondertussen gevonden in de keuken. Of in het salon.
Tussen jullie.

En misschien is dat net waarom het wringt.

 

 

 

 

Een jeugd zonder televisie enkel Radio 2 en wij twee #Papa

#Kleinkunst bestaat er beter? Voor mij niet. Vaak met dit soort liedjes, meestal ouder dan mezelf, een hele dag in het hoofd zitten, ja het is soms lastig. Moeite hebben met naar modernere radiozenders te luisteren 😮 Ben ik de enige 31-jarige in mijn vriendenkring? Zijn het de aangrijpende teksten? De rust die ik kan terugvinden in dit soort muziek? Poëtisch, waargebeurd, pakkend, triest, geweldig, hartverwarmend,… Ik weet het niet. Maar dat er bij mij veel emoties bij komen kijken is een feit. Niet dat ik hierdoor een hele dag triest rondloop hoor, neen zeker niet 🙂 De Zotte Morgen geeft mij dan weer een relax gevoel.
mensen lopen naast elkaar
een verre groet een stil gebaar
want alles wordt nu door de tijd gemeten